Papieren vaders

Het was 2011.
In de bus van pleegouders Sandra* en Ronny* viel een brief. “Gelieve te noteren dat de achternaam van Enora* is veranderd. Zij werd erkend in gemeente Rijswijk* door meneer Didri*”.

Dat was het. Eén briefje. Enkele regeltjes. En daar sta je dan als pleegouders.

Enora* was op dat moment 7 jaar. Zij kon dus al lezen en schrijven. En dan moet je zo’n meisje uitleggen dat ze vanaf nu een andere achternaam zal dragen.
Dat de klevertjes op de kaften van de schoolboeken zullen worden aangepast en dat ze onder deze nieuwe naam op de dansles en in de Chiro zal moeten worden ingeschreven.

Enora* werd in dit pleeggezin geplaatst vanaf geboorte. Contactherstel met haar mama lukt niet, integendeel, er liep weer een zoveelste contactverbod. Maar dat contactverbod hield niet tegen dat de mama op afstand – jawel, geen grap, kindje nooit gehoord of ook niet haar hoedehouders – geld kreeg voor haar drugsverslaving door één of andere Tunesiër die illegaal in ons land verbleef en in return had hij gevraagd aan deze ‘mama’ of hij het kindje mocht erkennen. Dat kindje waarvan een foto op haar kleine studio aan de muur hing.

En dat kon. Ik schreef toen over dit kindje. De reacties die ik toen kreeg van de woordvoerders in de toenmalige regering was het volgende “Zolang een kind onder de 12 jaar geen papa heeft, dus enkel naam van moeder draagt en dat vakje nog openstaat kan het vaderschap zonder dna en enig bewijs en zonder enige moeite worden geclaimd. Enkel de toestemming van de moeder is nodig”.

“Ja maar, deze moeder heeft om ernstige reden contactverbod. Kindje wordt in een pleeggezin opgevoed”.

“Dat is dan ongelukkig, dat ziet de gemeente niet”.

“Dus nu moeten we dat kindje ook nog eens uitleggen dat ze een andere achternaam krijgt terwijl ze al een rugzakje ‘precaire thuis’ draagt, maar wie dat is dat zal ze niet meteen weten want deze man is een contact van haar mama die op haar beurt contactverbod heeft?”.

Ik maakte daarna nog enkele artikels. Over een andere verslaafde Belgische mama die vier van haar zes kinderen ook liet erkennen door heerschappen die illegaal in ons land verbleven en in return voor verblijfsrecht op grond ‘vaderschap’ haar bevoorraden met drugs. Deze kindjes zijn tot vandaag geplaatst in pleeggezinnen.
Ook daar was het zeker bij één vader fraude. Hij zat namelijk heel de tijd in één van onze gevangenissen waar deze moeder niet op bezoek is geweest en toch kon ze die periode zogenaamd zwanger zijn van hem.
De dag dat hij de gevangenis verliet erkende hij dit kindje. Ze kenden elkaar enkel via tussenpersonen.
Ik legde dit bewijs voor maar het kon niet baten. “Vaderschap kan niet worden afgenomen”.

Vandaag staat op de voorpagina van De Standaard dat deze regering iets wil doen aan deze verblijfsrechtbaby’s. Het valselijk claimen van een kindje om zo verblijfsrecht op grond vaderschap op te eisen.

Het wordt afgedaan als nieuw nieuws. Maar ik heb na mijn artikels de parlementaire discussies gevolgd. Dit voorstel ligt met de regelmaat van de klok op de politieke tafel. Al jaren.
Het ketst steeds af omdat je geen dna kan afdwingen. Enkel het parket in zeer uitzonderlijke gevallen.
Benieuwd of dit keer de praktijk wel aan deze beloften worden gekoppeld.

SVN

(Alle namen* hierboven zijn veranderd omwille van privacy, elk kindje hier beschreven zit nog steeds in een pleeggezin met de namen van deze papiervaders, ze hebben die vaders nog steeds niet gezien).

De installatiepremie

Man man man.

Stukje uit de projectfiche 2.0 ‘Brug naar volwassenheid in de jeugdzorg’.

Dit aan de hand van de motie in het Vlaams parlement van 5 oktober 2016 door Freya Van den Bossche en Elke Van den Brandt over het begeleiden van kwetsbare jongeren +18 jaar na jeugdzorg, dit naar aanleiding van de dood van Jordy.

Voor de niet-kenners : bij zo’n voorstellen worden er werkgroepen opgericht en gaat de administratie met de stakeholders aan de slag.

Stukje : We zullen in 13 centrumsteden langsgaan en info-avonden organiseren met aanbevelingen. Eén van de aanbevelingen : De installatiepremie als een recht voor de jongeren waarbij er geen obstakel mag zijn in de toekenning ervan.

En pas op, al deze aanbevelingen moeten wel nog verschillende overlegmomenten en structurele vergaderingen kennen met alle actoren op het terrein.

Soms ben ik écht blij dat ik oud ben 🙂. En wat je meemaakt vergeet je niet dat zit verankerd in het hoofd.

Toen mijn generatie uit de jeugdzorg kwam, zonder overlegmomenten en structurele vergaderingen, er bestond geen bovenlaag van 20 administratieve koepels boven mijn instelling en dus 100 mensen die in alle provincies eerst uren vergaderden bij nieuwe Vlaamse aanbevelingen, zorgden opvoeders dat je geïnstalleerd werd.
Zij gingen in de aanloop van de 18-de verjaardag mee naar het leger des heils, tweedehandsbeurzen, zorgden voor vervoer, namen een verfborstel vast, kwamen mee schilderen en zochten mee naar een kot. Overheid betaalde de eerste maand huur en daar waar nodig een huurwaarborg. Daarnaast kreeg je zakgeld van de overheid en op 18 jaar een som geld door het geblokkeerde kindergeld, door de jeugdrechter op een rekening op jouw naam en waar je eigenaar werd op 18 jaar. Ze toonden het OCMW, gingen mee voor de aanvraag van het leefloon, toonden (in mijn geval Alma) budgetrestaurants, winkeltjes en JAC in de buurt.
Gaven hun telefoonnummers en kwamen in het eerste jaar spontaan langs om te vragen ‘hoe het met je ging’.

De sector veranderde in logge administratieve multinational-organen. Door (ondertussen) alle modules, procedures, draaiboeken en de afstand die de begeleiders moeten bewaren met de cliënten (jawel, kinderen onder jeugdzorg worden nu cliënten genoemd, zegt eigenlijk alles) gebeurt dat nog amper.
Onder het mom doelgroep zelfredzaam maken’.
Met klem kan ik echter zeggen dat wij ook zelfredzaam werden gemaakt.
We moesten ons bed uit om te schilderen, moesten tonnen aardbeien stampen voor zelfgemaakte confituur, leerden witte saus maken, geld beheren en werden in aanloop naar zelfstandig wonen (op leeftijd 16 jaar) in weekends naar jeugdherbergen gestuurd om zo te leren in stapjes ‘onze plan te trekken en alleen te zijn’. Daar waren geen tien papieren voor nodig, dat ging met één telefoon naar een herberg.

Maar, belangrijke maar : alle medische, vervoers- en schoolkosten werden door de voorzieningen betaald. Bepamperen was dat NIET.

Ondertussen werd spaargeld bij pleegkinderen enzoverder afgeschaft, moeten kinderen in instellingen zelf sparen (echt hé) voor een huurwaarborg tegen dat ze 18 jaar zijn, moeten ze zelf naar OCMW, zoekt een opvoeder niet mee naar een kot – zo weinig personeel en zoveel tijd in administratieve paperassen dat ze geen tijd meer hebben – en kan je zelf staan schilderen.

Maar pas op mensen, de overlegmomenten hebben na Jordy het licht gezien : er komt nu een installatiepremie als recht.
Pittig detail : waarschijnlijk van het OCMW. Ze kunnen we bij de Vlaamse bevoegdheid nog wat geld op de schouders van de lokale besturen leggen die nu al verzuipen.

“Maar Saskia, ge moet ook positief zijn meiske”.

Wel, dat ben ik. Niet hierom maar omdat ik net het goeie nieuws kreeg dat er eindelijk vier kinderen met een beperking zitten waar ze moeten zitten, in een VAPH-voorziening nadat ze weer onwettelijk tussen de misdrijfplegers in een gemeenschapsinstelling zaten.

SVN

Kinderpooiers: dè aanpak

Omdat ik me straks als een soortement criminele figuur moet verantwoorden in Brussel. En ja, daardoor ben ik al enkele weken verlamd en diep gekwetst.

Het is 1996. Jawel, 20 jaar geleden. Voor de allereerste keer verschijnt het woord loverboy in een Nederlandse krant.
Beleidsmakers hoorden het in Keulen donderen.
Jongens en mannen die met cadeautjes kwetsbare meisjes versieren, hen verliefd maken en dan doorverkopen aan andere mannen.

Het duurde nog enkele jaren voor de ernst doordrong. Er werd een rapporteur aangesteld en die bracht in 2002 een eerste rapport voor Den Haag.
Nog steeds wist jeugdzorg niet wat ze nu juist moesten doen met dergelijke slachtoffers. Nog steeds liepen ze weg na een plaatsing in een instelling, zochten ze terug contact met de dader en konden die smeerlappen niet worden geklist door justitie.

Er werd een nieuwe rapporteur opgezet. Weer een onderzoek, weer het fenomeen in kaart brengen.
Deze rapporteur heb ik aan het woord gehoord, haar rapport gelezen, Corine Dettmeyer heet de vrouw en zij kwam in 2006 – u leest goed, 2006 – met het advies dat dergelijke kwetsbare en vaak ontspoorde meisjes best NIET worden geplaatst in de reguliere gesloten gemeenschapsinstellingen. Dat zij een aparte aanpak nodig hebben, vrijheidsberovend om tot rust te komen, even afgesneden van internet en telefoon bijvoorbeeld als beschermingsmaatregel.

Ik schreef hierover verschillende artikels in P-Magazine. Kranten dachten dat het een marginaal probleem was.

Pas in 2012, jawel, 2012 kreeg het bij ons de nodige aandacht. Patsy Sörensen van Payoke alarmeerde, vroeg een daadkrachtiger beleid én middelen én aanpak.
Gevolg : amper iets. Onze beleidsadministratie sliep verder.

In 2014 kwam Payoke weer naar buiten met een campagne.
Pittig detail : niet gefinancierd door het bevoegde agentschap en kabinet, wel door een internationale organisatie die zich inzet voor de strijd tegen mensen- en kinderhandel.

Eindelijk werd het opgepikt in het parlement, eindelijk werd Vandeurzen de vraag gesteld wat we nu concreet zullen doen aan deze steeds grotere groep meisjes, gedwongen tot seks door walgelijke pooiers.

Er ging een actieplan komen, er ging een commissie of een werkgroep worden aangesteld.

Het duurde tot januari 2016 voor er eindelijk echt wel praktisch werd gehandeld. Er kwamen 9 plaatsen bij in Beernem.
Met alle respect voor de opvoeders die er werken – voor alle duidelijkheid : zij moeten NOOIT geviseerd – maar was dat nu nét niet wat Corine Dettmeyer in haar rapport van 2006 beschreef als “geen juiste aanpak voor deze meisjes”.

Ik alarmeer weer. Schrijf hierover. “Nederland is daar al heel lang van teruggekomen. Is dat wel de juiste actie?”

Deze week staat het in Knack. Child Focus alarmeert.
Letterlijk, een jaar later dus dan het aangekondigde actieplan “We zien nog steeds geen positieve effecten. Nog steeds verhogen het aantal kinderpooier-slachtoffers in ons land”.

Vandeurzen laat weten dat er 17 plaatsen zullen bijkomen. Hij laat weten dat ze nog steeds bezig zijn met het actieplan te verfijnen.

Ondertussen ken ik vier slachtoffers die onder onze jeugdzorg stonden en ofwel via telefoon ofwel via via terug zijn verkracht en soms maanden terug in het netwerk vielen.

Tussen de soep en de patatten zei de directeur van de voorziening van Jordy het volgende in De Standaard (17 december): “Toen Jordy bij ons vertrok maakte we een moeilijke periode door. Kinderpooiers cirkelden rond onze voorziening, we hadden het gevoel het even niet meer onder controle te hebben”.

Ik moet nu naar Brussel. Behandeling van een klacht voor laster door een paar ambtenaren. Wat er dan wel lasterlijk mag zijn wordt niet echt duidelijk gezegd. Het is mijn journalistieke werkwijze die ze laakbaar vinden.

Mijn vraag zal zijn : Welke journalistieke werkwijze? Al 15 jaar berichten over jeugdzorg? Rapporten lezen in Scandinavië en Nederland? Alarmeren dat het agentschap soms met voorstellen komt die empirisch onderbouwd in het buitenland werden stilgelegd?
Spreken met opvoeders? Met slachtoffers?

Welke laakbare werkwijze bedoelt u, agentschap?

SVN

Nieuw tijdperk : wetten à la tête du politicien

Het was ooit een pittig debat in de 7de dag. Debat tussen Hans Rieder en toenmalig justitiespecialist van SP.A Renaat Landuyt.
Het ging over vrijlatingen bij procedurefouten.
Renaat ging de populistische tour op. “Het kon en het mocht niet, de mensen van de straat verstaan dat niet, ze moesten opgesloten blijven”.

Hans Rieder bleef de rust zelve. “Meneer Landuyt, zorg ervoor dat je in de commissie justitie de gaten in de wetgeving dicht, wetten niet zo bespottelijk geschreven en goedgekeurd worden dat ze verschillend interpreteerbaar zijn, ik verdedig louter mijn cliënten en gebruik louter het wetboek. Verander de wet en doe uw job in plaats van mij aan te vallen”.

Het was 1- 0 voor Rieder.
Groot gelijk. Parlementsleden zouden beter nadenken over wetgevend werk in plaats van op de rechterlijke macht te schieten die deze wetten moet toepassen, ook al zijn dat ongelukkige vrijlatingen van het zware geschut wanneer bijvoorbeeld de raadkamer of KI een ernstige procedurefout opmerkt.

Het waren toen nog debatten. Met woord en weerwoord.
Uiteindelijk hield Renaat de deur van de gevangenis niet gesloten.
De rechter had gesproken. De beslissing werd uitgevoerd.
Zo het hoort in een rechtsstaat.

Renaat had alle recht om meteen in actie te schieten en in de commissie een nieuw wetsvoorstel rond procedurefouten te lanceren. Renaat had niet het recht de vrijlatingen van een paar vermoedelijke mensenhandelaars tegen te houden.

Ook al vond gans Vlaanderen dat het beeld van de wuivende lachende mensenhandelaar bij zijn vrijlating aan de gevangenispoort van Gent zeer schokkend was. (Ter info : er was een foutje geslopen in de wet ter controle op de Bijzonder Opsporings Methode, de fameuze BOM-dossiers)

Zo werkt het en zo dient het te werken.

Als politieker is het de taak naar het volk te luisteren en waar nodig bij te sturen via het parlement.
Als politieker kan het nooit de bedoeling zijn een heksenjacht te creëren tegenover rechters (en raadsheren) die gemotiveerd en volgens de bestaande wetgeving vonnissen en arresten vellen.

Wat N-VA nu doet kan niet. Gewoon niet.
Wat is het morgen? Je zet geen stop op deze huiveringwekkende ingeslagen weg.

Nee, zo zagen we de fundamenten aan diggelen van een democratische rechtsstaat.
Rechters zijn geen activisten. Rechters pogen in dit land nog éénieder te beschermen, met de schaarse middelen die ze hebben en met een voorhistorische infrastructuur.

SVN

Dwarsligger bij Jongerenwelzijn

September 2008. Naast mij zit A. (toen 28 jaar). Losgelaten in de psychiatrie, opgegeven in de zorg. Zo bleek toen.
A. is de zoon van psychopaat-moordenaar Andras Pandy.
Ik ken hem. Niet omdat ik hem wil kennen, maar omdat hij geplaatst werd in die voorziening waar ik ook door de jeugdrechter werd geplaatst.

Toen ik hem daar zo zag zitten, totaal ontredderd en niet zelfredzaam, brak er iets. Het besef dat voor vele zaken geen draaiboeken bestaan. In 1997 werd zijn vader gearresteerd, nog diezelfde dag werd A. naar deze Vlaamse jeugdvoorziening verkast met als opdracht “Identiteit voor de leefgroep afschermen, ondersteunen”.
Géén enkele opvoeder was hiervoor opgeleid. Géén enkele opvoeder kon toen inschatten hoe zwaar de feiten wel waren.
Pas later bleek dat A. moet thuis geweest zijn bij de moord op enkele van zijn zusjes, broertjes en moeder.
De identiteit moest worden afgeschermd in die leefgroep waar kinderen ook naar de radio luisteren en tv kijken. Waar zowat dagelijks bericht werd over alle gruwel van gevonden lijkresten in het horrorhuis, de ouderlijke woning van A.

Het gaf me die dag weer een zoveelste extra bewondering voor mijn opvoeders. Te horen hoe moeilijk die periode voor hen wel was. Ze deden het toch maar, ook al werden ze niet ondersteund door de hogere administratieve top.
Er bestond geen administratieve module, er was geen mogelijkheid tot contextwerking – tot daar de theorie – en er konden hier geen decretaal vastgelegde doelstellingen worden gehaald.
Je wist geen moord van zes familieleden. Zelfs niet met de beste zorgen.

Ik kwam in 2008 van een zoveelste reis. Tussen 1999 en 2008 zat ik bijna altijd in het buitenland. In shelters van kinderen, tussen kindsoldaten, in projecten van blinde kinderen in Tibet enz enz.

A. deed me beseffen dat ook in ons land nog heel wat werk is.
Hij was voor mij het sprekende voorbeeld dat er soms out of the box moet worden gewerkt. Géén enkel administratief kokertje kon zijn verhaal ondersteunen.

Ik begon me te verdiepen in alles wat er voorhanden was.
Pandy mag dan wel een mediagenieke naam zijn, er zijn helaas nog lugubere moorden en familiedrama’s waar kinderen betrokken zijn.
“Hoe ga je daarmee om?”

Zo botste ik op de ene verzuchting uit de sector na de andere. Dat kon een jeugdrechter zijn, een opvoeder, een verhaal van een kind.
Ik verzamelde alles en bracht twee beklemmende jeugdzorgreeksen met collega Raf Liekens. Hiervoor werden we genomineerd voor de persprijs, hierdoor werden hoorzittingen ad hoc georganiseerd in het Vlaams parlement.

Het was de aanzet van het nieuwe decreet integrale jeugdhulp. Helaas een decreet dat niet aan die verzuchtingen van het terrein een antwoord heeft geboden.

Op het terrein zijn vele mensen op. Gewoon op. Jeugdbrigade rolt van de ene lugubere vaststelling in de andere en zien geen gevolg bij de massa’s processen-verbaal betreffende kinderen in gevaar, CLB’s blijven maar a- en m-documenten invullen, ondertussen zijn deze lieve mensen enorm bezorgd over de betrokken kinderen en krijgen meer dan eens de documenten teruggestuurd omdat de hoogdringendheid van hun waarneming door het parket anders wordt gezien.

Kan je je dat inbeelden? Die mensen die als zorgcoördinator (bvb) het kind kennen, het kind hebben gehoord, de blessure van thuisagressie bvb met eigen ogen hebben gezien, krijgen van iemand die op een stoel zit en een verslag leest een document terug “niet hoogdringend”.

Het is maar één voorbeeld. Maar zo heb ik honderden voorbeelden, dagelijks.

Ik luister, plaats zowat 80 % als kennis in het vakje ‘onthouden maar niet voor media, intern proberen oplossen’ en wat echt te ver gaat en over structurele problemen gaat, kinderen die thuis zitten met een beperking bvb en geen hulp krijgen waar ze recht op hebben, publiceer ik via verschillende mediakanalen.

Zo durf ik ook zonder ijdel te zijn stellen dat de laatste jaren zowat elk verhaal dat media haalt mij bekend is.
Ik ben de enige journaliste die het meisje met de teddybeer op de trappen van het justitiepaleis kent, ik ben de enige journaliste die nu via de entourage regelmatig informeert hoe het met het 13-jarig meisje gaat dat in groep werd verkracht.

Ik kan gezichten plakken op deze verhalen.

Dat ik hierdoor regelmatig bots met het agentschap is een feit.
Als ik in een krant een inspectieverslag zie verschijnen, ingeroepen als verschoningsgrond, vind ik het mijn taak op de rem te staan en te zeggen ‘Hallo? Dit inspectieverslag gaat NIET over de voorziening waar de feiten hebben plaatsgevonden. Waar slaat dit op?’ En ga zomaar door.

Een stijl die duidelijk niet getolereerd wordt.
Voorkeur gaat naar journalisten die naar de geplande persontmoetingen komen, keuvelen met de Cava in de hand en zeggen wat de administratie graag heeft dat wordt gezegd. “Dat het decreet goed werkt, dat er slechts enkele problemen zijn met de a-documenten, dat er budget zal komen voor kinderen met een beperking”.

Ik heb iets te veel gehoord wat er zal gebeuren en gaat komen.
Deze week is het de verjaring van de zelfmoord van mijn zus.
Zij besloot dwarsligger te zijn op de treinsporen.
Omdat ooit een administratief kokertje besliste dat ik moest worden geplaatst en beschermd voor mijn gekke moeder en zij wel bij mijn moeder kon blijven.
Dat is nooit meer recht te zetten. Daar is niemand schuldig.
Het was haar keuze.
Maar mijn keuze is het sindsdien nog meer : ook ik zal dwarsligger spelen. Nooit letterlijk, maar met mijn pen.
Zolang de administratie prachtig zorgpersoneel blijft wurgen en de administratie zoveel tijd in beslag neemt waardoor kinderen veel te lang in dit land wachten op hulp.

Voor die verhalen heb ik geen woordvoerder van een administratie nodig, mijn woordvoerders zijn dé mensen, dé opvoeders, dé pleegouders, dé kinderen. Zij die nog voor de menselijke kant zorgen in ons jeugdzorgsysteem.

Waarvoor tonnen respect. Dat zal ik blijven herhalen.

SVN

S.O.S. Pleegzorg Vlaanderen

Ik heb het nu wel helemaal gehad met dat inconsequente gedoe van deze regeringen.

“We moeten pleegzorg aanmoedigen, kindjes in instellingen kosten veel te veel en pedagogisch gezien is dat vaak veel slechter”, klinkt het bij het witte jeugdzorgkonijn van N-VA & andere regeringskornuiten.

Wel : ik zal hier eens één voorbeeld geven wat er dus gebeurt met dat nieuwe kindergeldsysteem.
Duizenden pleeggezinnen zijn hiervan dus de grote dupe.

Gezin (dat ik ken) heeft 2 biologische kinderen, drie pleegkinderen.
.

Volgens de berekeningen van het nieuwe systeem zou dit gezin, vergeleken met de huidige kinderbijslag, in de huidige situatie, dus met twee biologische kinderen en mét drie pleegkinderen 232,50 euro verliezen aan leeftijdstoeslagen en daarbij ook nog eens (afhankelijk van welk basisbedrag zou bepaald worden voor de ‘gelijke kinderbijslag voor elk kind’) 155,55 tot 380,55 euro. Een totaal verlies dus van 388,05 euro/maand tot 613,05euro/maand.

U leest goed : 613 euro per maand.

Indien ze een ‘gewoon’ gezin zouden zijn, zonder pleegkinderen, met enkel twee biologische dochters zouden ze 108,85 euro verliezen aan leeftijdstoeslagen en zou de ‘gelijke kinderbijslag voor elk kind’ hen maximaal 7,34 euro kosten, eventueel zelfs 82,66 euro opleveren. Het totale verlies zou dan minimaal 26,19 euro per maand, maximaal 116,19 euro bedragen.

Daarbij komt nog eens dat dit gezin zorg draagt voor kindjes die een enorme zorgvraag hebben. In een instelling dus elke minuut een begeleider nodig hebben want sonde-eten, rolstoel enz.

Ook daarvoor verlagen de bijlagen en verhogen pamperkosten enzoverder.

Kunnen de regeringskornuiten mij dus écht eens vertellen waar we in de praktijk kunnen vaststellen dat ze pleegzorg aanmoedigen?

Of zijn dat enkel wat aimabele electorale woorden in een tv-studio onder het mom “maar wij zijn wel sociaal hoor”?

Fuck off!

Expertise in de jeugdzorg?

Ter info : achter de schermen van de belastingbetaler. Dat wat je nooit leest.

Binnenkort zijn het hoorzittingen in commissie justitie over zeer belangrijke wetswijzingen over het statuut pleegzorg.

Dat heeft enorm veel invloed op een pak pleegouders en kinderen in kwetsbare situaties. Een beter statuut is ook iets dat ik al jaren vraag.

Ik was door verschillende fracties voorgedragen, ik had ook toegezegd, zonder pretentie durf ik stellen dat ik van die pijnpunten wél wat weet plus eerder decreet pleegzorg zeer goed ken.

Ik ben nu van de lijst gehaald.
Je kan daar geen schuldige aanwijzen maar het moge duidelijk zijn dat de fractie die de veto stelde niet ver moet worden gezocht.

Tot daar fair play democratie. Er zijn nog een pak kenners in het veld.
Selectie verloopt nu éénmaal op die manier.

Echter. Jawel. Echter.
Sommige huidige sprekers – binnenkort dus – zijn om te huilen.

Wie mag wel hun expertise komen uitleggen?

Een vzw die nog geen enkele activiteit heeft gedaan. Geen enkele. Ze proberen zichzelf uit de grond te stampen. Is dus geen kritiek. Maar lukt niet wegens besparingen enzoverder.
Mensen die zich erachter scharen hebben al tientallen keren naar mij gebeld voor advies.
Expertise?

Andere vzw ligt op apegapen. Hebben al maanden een zwaar intern conflict – waar ik ook al heb bemiddeld en een luisterend oor ben geweest – omdat er een voorval was van een pleegkind die zeer zwaar werd mishandeld binnen haar pleeggezin.

Andere pleeggezinnen van deze vzw wisten ervan maar hebben niemand verwittigd.

Aan de hand van dat ernstige incident – meisje is nu zwaar getraumatiseerd – werd een ethische code opgesteld : dat er bij mishandeling en misbruik binnen pleeggezin wél meldingsplicht is.

Dat weigeren een deel van de leden van die vzw te tekenen.

Gevolg : halve vzw is opgestapt.
Geen enkele deftige activiteit meer. Al maanden.

Pleegzorg Vlaanderen (hoofdkoepel) denkt zelfs samenwerking te stoppen.

Maar hey, die kakofonie van vzw’s op apegapen – met nog amper contact met de eigenlijke doelgroep, de pleegkinderen – die zijn nu wél uitgenodigd met toestemming van alle fracties.

Mag ik ontgoocheld zijn?

Mag ik ook op voorhand al zeer sceptisch zijn want de reden van hoorzitting is als volgt “na verschillende debatten in het politieke halfrond wordt voorgesteld experten aan te dragen aangezien de expertise ontbreekt in De Kamer”.
Dat staat letterlijk zo in een eerder commissieverslag.

Met bovenstaande amateuristische keuzes, secretaris van De kamer én geen enkele fractie weten de penibele toestand van deze vzw’s, houd ik echt mijn hart vast voor het nieuwe statuut van pleegzorg.

En pleegzorg én pleegkinderen liggen me nét veel te nauw aan het hart om dit zomaar te laten gebeuren.

Hoe triest kan politiek zijn?

SVN