Yassine Channouf

De jongen met het brilletje die wel wat meer blijkt dan de jongen met het brilletje.

Hij heeft aanzien in de buurt Yassine. En terecht. Er zijn weinigen die het hem nadoen. Vanuit een woelige thuis toch studeren en dat op hoog niveau.
Talenknobbel, spreek- en schrijfvaardig en een aimabel man.
Steeds beleefd en bereid anderen te helpen.
Ook al is hij al 27 jaar, hij is ‘die jongen’ met de bril. Deze man van Borgerhout.

“Ik ben nog nooit zo vernederd” schreef hij met veel emotie enkele dagen geleden. “Ik vertoon sterke gelijkenissen met een mogelijke overvaller volgens de politie, de gelijkenis zou mijn bril zijn en daarom werd ik twee dagen onschuldig opgesloten”

Emotie en verontwaardiging alom.
In een mum van tijd werd zijn emotionele getuigenis gedeeld.
“Toch niet dé Yassine, die met dat brilletje, in de gevangenis zeker?”
Vervolgens in koor “en dan nog onschuldig en voor zijn bril?”

Iedereen begon als een gek te kappen op de politie en gerecht. De vonk sloeg in, alsof Borgerhout deze emotionele getuigenis nodig had om eindelijk los te barsten.

“We zijn de houding van de politie en gerecht grondig beu” klonk het daar in elke straat.

Het regende verontwaardiging, het regende gelijkaardige getuigenissen.

De Morgen en De Wereld Morgen namen over.
Zonder regel één in de journalistiek : weerwoord betrokken politiediensten en gerecht.

Nét voor zo een zaken bestaat er nochtans een politiewoordvoerder én persmagistraat.

Na De Morgen werd Yassine , tot de studiediensten van sommige politieke partijen, onderwerp van gesprek.

Een Kamerlid van N-VA ging zelfs zo ver tekst en uitleg te willen vragen aan onze minister van Binnenlandse Zaken in de zaak – en met naam en toenaam – Yassine Channouf.

Dat een minister nooit kan antwoorden in lopende gerechtelijke onderzoeken is blijkbaar een scheiding der machten die dit Kamerlid niet zo nauw neemt.

Ook had dat Kamerlid blijkbaar het geduld niet een persverklaring van gerecht en politie af te wachten.

En daar was ze dan. Een reactie van het parket. Zelden gezien want normaal worden bepaalde details in het kader van een gerechtelijk onderzoek nooit vrijgegeven in die fase.

Wat stond er?

Dat er bij het misdrijf mogelijk broers van Yassine bij betrokken zijn, dat de auto die mogelijks betrokken was bij een overval op naam van Yassine stond en dat er een hoeveelheid cashgeld werd gevonden tijdens de huiszoeking.

Juridisch heeft dus – zelfs voor een eerstejaars rechten – de onderzoeksrechter het recht aan te houden.
Het is dus wel wat meer dan ‘lijken op iemand met een bril’.
Juridisch gezien zijn er ook voldoende elementen voor handen die een mogelijke betrokkenheid van hem zouden kunnen aantonen.

Maar vrijheidsberoving is niet niks. Het is een vrij ingrijpende maatregel waar niet zomaar zou mogen mee gegoocheld worden.

In tijden van collectieve repressiedrang is die stem nog moeilijk te brengen, maar vrijheidsberoving zou pas mogen als er echt wel geen andere mogelijkheden zijn om een mogelijke dader te betrekken in een gerechtelijk onderzoek.

Door de ongelukkige onvolledigheid van Yassines betoog (domme betoog : jawel in dit geval doch volstrekt verstaanbaar door de ruwe emoties na twee dagen gevangenis als onschuldige) dreigen die zaken nu onder te sneeuwen.

Nochtans dient elke onderzoeksrechter à charge en à décharge te onderzoeken en te handelen.

Perfect had hier een voorleiding zonder aanhouding kunnen gebeuren.
Waarin voorwaarden gekoppeld worden : in de buurt van de onderzoeksrechter blijven, meewerken om zo snel mogelijk klaarheid te scheppen in jouw alibi, geen contact met mogelijk betrokken broers, maar gezien uw blanco strafblad en jouw examens kan u beschikken.

Dat is een onderzoeksrechter die met een verweer, voorgeschiedenis en de juiste context rekening houdt.

In een gezond werkende rechtsstaat ben je namelijk niet al ‘een beetje schuldig’ omwille van het mogelijke gedrag van broers.

Dát zou de essentie van de rechtsgang moeten zijn.
Bij Yassine was er geen enkele bezwaar om zonder vrijheidsberoving op die manier te werk te gaan, tot er klaarheid in zijn mogelijke betrokkenheid zou zijn.

Zo we ook geen deur van een gevangenis openen en iemand letterlijk op straat kieperen. Of dat nu 20, 50 of 100 kilometer van zijn/haar woonplaats is, het is schering en inslag in dit land, wanneer iemand gehandlicht wordt (in geval Yassine), door de Raadkamer of door de KI wordt vrijgelaten, staat hij daar.
In het beste geval kent de gevangene een bereidwillige advocaat die in zijn/haar plaats een familielid verwittigt.
Anders is het ‘trek uw plan’.

Bij Yassine kan je er juridisch geen stok tussen krijgen.
De persmededeling van het parket is valabel.
Ook daar moeten geen spookverhalen de ronde doen.
De advocaten van de broers zijn toppers. Mocht iets niet kloppen van de vrijgegeven informatie door het parket hadden die allang op de rem gaan staan.

Het is nu aan het gerecht om in alle sereniteit verder te onderzoeken of de verdachten de juiste zijn. Of ze daadwerkelijk een overval hebben gepleegd.

Maar laat het effect van het emotionele betoog van Yassine wat juridisch niet bleek te kloppen, geen harnas vormen rond al die verzuchtingen van vele families in Borgerhout.
Er is wel degelijk iets mis en veel aan de hand.

Zo zouden we vrijheidsberoving terug als allerlaatste stap moeten zien, in plaats van wat populistisch te zeveren in het politieke halfrond over de overbevolking in de gevangenissen. Daar ligt namelijk een groot stuk van de oplossing om die overbevolking aan te pakken.

Zo zouden huiszoekingen ook een laatste strohalm moeten zijn en niet schering en inslag. Yassine had perfect op verhoor kunnen uitgenodigd worden.

Zo moeten we stoppen met mensen vanuit de gevangenis op straat te gooien zonder geld voor de bus of een telefoon naar de familie.

Dát Vlaanderen dat nu weet, daarvoor alleen al was het – hoe emotioneel ook – de moeite van Yassine om zijn emotie na twee dagen onschuldig in de cel te delen.

SVN

Politie in Borgerhout

“Waar is HIJ?”

Hij brult. Achter hem staan nog een paar helmen op een paar benen met de wapens in hun handen op haar gericht. Hun gezichten onherkenbaar.

“Waar is HIJ? Kunt ge antwoorden ja?”

Jamaa draagt een hoofddoek en verstaat niet wat de politie zegt.
Ze hoort dat haar kindjes één voor één wakker worden en alle deuren van het huis worden open gebeukt met een hevige agressie.

Ze loopt meteen naar het speciale bed van Driss. Driss is erg ziek. Hij ligt aan de machines, hij kan anders niet ademen.

Zijn ademhaling gaat door alle lawaai heviger en heviger. Driss heeft spierdystrophie van Duchenne.

Ook Hafsa is bij hen in huis. Nichtje van 7 jaar. Ze huilt.
Ze verstaat niets van al die politie die met groot lawaai door het huis en hoorbaar op het dak loopt.

“Haal die jongen uit dat bed”, brulde een andere helm.

Een dochtertje vertaalt het geschreeuw van de politie tegen haar mama.

“Driss uit bed en van de machine halen?” reageert Jamaa. Maar dat gaat niet en ze schudt hevig haar hoofd en gaat voor het bed van haar erg zieke zoon staan.

Politie vindt deze reactie net zeer verdacht.
“Opzij” roept hij, met het wapen op het speciale bed en moeder Jamaa gericht.

Jamaa gaat opzij en de ene politieman doet teken naar twee anderen.
Ze tillen Driss uit bed, nog steeds vastgeketend aan de machine.

De machine schiet los en Driss zakt als een pudding in mekaar.

“We dachten dat het een vermomming was”, zei de politie nog mompelend, “en dat HIJ het was”.

Het gemompel moet doorgaan voor een excuus.

Wat later vertrekken ze uit het rijhuis in Borgerhout.

De familie bleef in shock achter.
Getraumatiseerd.
Driss was al erg ziek maar verzwakte erg door dit voorval.

Hij stierf twee jaar later aan zijn ziekte.

Dit verhaal heb ik opgetekend zoals zoveel andere verhalen in Borgerhout.

Met dank aan al die families die hun diepe trauma’s vertellen. Hun schokkende relaas vaak over justitie en politie.

Twee jaar noteer ik dit alles al ondertussen en binnenkort verschijnen al die getuigenissen.

*Dit fragment draag ik op aan Yassine Channouf, Youssef en Jamila Channouf en de rest van hun familie. Met een dikke knuf aan alle drie.
Ze weten waarom*

SVN

Syriëstrijder

Mag ik mij zorgen maken, burgervader?

“Hij is daar ondertussen getrouwd Sas, dat zei hij toch”

“En zijn kindjes hier dan?”, vroeg ik.

Hij haalt zijn schouders op. Naast mij zit X. Ik ken hem ondertussen al meer dan een jaar. X is de broer van een jongen die naar Syrië is getrokken. Ik zie hem regelmatig.

Die jongen/broer was/is een gezonde twintiger uit Borgerhout, getrouwd en twee kinderen. En plots was hij weg.

Alle kinderen in dit gezin zijn hier geboren.
Duidelijke problemen binnen het gezin : financieel.
Beweerde problemen : agressie van de politie, onterecht, toen een broer nog minderjarig was. Sindsdien haatte deze jongen/broer de politie en ons justitiesysteem.

Is dit gezin gelovig? Ja.
Pas na een jaar heb ik dat gemerkt.
Nu recent, tijdens de ramadan.
En o ja, inderdaad, ook een Allah-prent aan de muur. Niet meer, niet minder.

Gaan ze in dit gezin naar de moskee?
Ja, één oudere broer, ondertussen ook getrouwd en de papa van dit gezin van zes kinderen.

“Waarom is hij vertrokken?” vroeg ik een hele tijd terug.

“Geen idee Sas. Internet misschien. We weten het echt niet. Echt niet. Ook zijn vrouw niet. Hij ging niet naar de moskee. Hij is volgens mij ook niet geronseld.
Hij belt ook af en toe en dan zegt hij dat het moest. Dat hij geen keuze meer had. Het was de enige keuze van overleven, van nog iets nuttig doen. Hier zag hij alleen onbegrip, een berg financiële obstakels, als je de krant opendeed was het die Filip De Winter hier en ginder en een vriend van hem hadden ze vlak voor zijn vertrek onterecht opgepakt. Jawel, opgepakt, voor niets. Na vijf dagen zeiden ze “u mag terug naar huis”. Dat hij vijf dagen onterecht in de gevangenis zat dat staat nooit in de krant. Dat heeft volgens mij ook mee gespeeld”.

“Hoe is het met jouw mama?” vraag ik elke ontmoeting.

Weer die schouders. “Verdriet, veel verdriet”.

“En heeft zijn vrouw ondertussen al wat steun gekregen? Of de kindjes? is het CLB van de school ondertussen op de hoogte? Is er iemand die zich om de twee kindjes bekommert?”

“Niets Sas, niets. Die vrouw kan altijd bij mijn ouders terecht, de kindjes ook maar vanuit de stad of overheid krijgen zij niets steun of uitleg.
Ik maak me zorgen om die twee kindjes ook. Zij begrijpen het niet. Zo een plotse breuk met hun papa en hij geeft aan nooit meer te willen terugkomen.”

“Wel X, ik maak me ook zorgen. Deze kinderen zijn onze toekomst, de toekomst van Borgerhout. Onze politici blijven maar roepen dat de grote meneren binnen de islamwereld afstand moeten nemen, dat er nog strenger moet opgetreden tegen deze radicalisering. Ondertussen zijn het diezelfde mensen die een sociaal weefsel doorknippen. Die zorgen dat deze vrouw nergens op gesprek kan. Dat zij nergens gesteund wordt bij het plotse vertrek van haar man en het plots alleen moeten opvoeden van twee kinderen met héél veel vragen”.

“De sociale werker is vervangen door een bende cowboys die hier spreekwoordelijk elke hoek in het oog houden, want jullie zijn toch allemaal ‘die familie van een Syriëstrijder’.”

“Inderdaad Sas. En al die mensen die bakken kritiek hebben op ons geloof en op onze familie zien niet hoe hard wij afzien. Mijn familie heeft het er heel moeilijk mee. Ik mis hem Sas. Ik mis hem”

SVN

Respect

zal eens zeggen wanneer dat ge in Borgerhout weet dat ge respect geniet van de mannekes (zo ik ze noem). Trefwoorden : pleintjes én hangen .
Zonet telefoon (lezen in plat Antwerps) “heej Sas, ik hem ave numero van den Mo. Ge moet dees week es komen klappen want wa hemme a verhaal”
Ik “Dan zal ik vrijdag of zaterdag bellen want dan lukt het mij waarschijnlijk wel om langs te komen”
X : Mezian. Menbahd en tuuuut
Et voila. Conversatie gedaan. Tot 3 minuten geleden kende ik X dus niet .